Recente posts
Als opleidingsfondsen samenwerken in (om)scholing, hebben meer mensen kans op een toekomst mét werk
23 augustus 2018

Als je aan uitzendkrachten, flexwerkers of andere typen tijdelijke krachten denkt, zou er wel eens de misvatting kunnen bestaan dat werkgevers niet bereid zijn in de opleiding van deze medewerkers te investeren. Niets is minder waar, veertien procent van de uitzendkrachten volgt een opleiding (bron: ABU). Dat is meer dan het percentage medewerkers met een ander flexibel dienstverband dat een opleiding volgt. Als uitzendbranche zijn we nog niet tevreden met dit percentage. We hebben gezamenlijk de wens uitgesproken dat in 2020 minimaal twintig procent van de uitzendkrachten een opleiding volgt.

Opleiden zit in onze genen gebakken

Een dergelijke afspraak is mooi en wij zullen daar ook zeker onze verantwoordelijkheid in nemen. Niet omdat we het braafste jongetje uit de klas willen zijn, maar omdat we er voor de volle honderd procent achter staan. We weten dat scholing leidt tot werk. Tot financiële zekerheid. Tot een bodem onder je bestaan. Tot meedoen in deze samenleving. Wij investeren voortdurend in onze flexwerkers. Dat zit ons in de genen gebakken.

Je kunt hierbij denken aan drie type flexwerkers: mensen die uit een werkloosheidssituatie komen en hun werktoekomst in een andere richting zoeken; flexwerkers die bijgeschoold willen of moeten worden; en mensen die vanuit een baan in een andere sector komen. Je kunt bij dit laatste bijvoorbeeld denken aan een vakschilder die zijn jongensdroom wil laten uitkomen en nu graag buschauffeur wil worden.

“Wij zijn de banenwisselaar. De helft van WW’ers stroomt via uitzendsector van de ene sector naar een andere sector. (bron: ABU)”

Deze opleidingen financieren we deels zelfs en deels zijn er opleidingspotjes van brancheorganisaties. Wie een opleiding tot vakschilder wil volgen, kan aanspraak maken op het opleidingspotje van de brancheorganisatie voor vakschilders. Sommige opleidingsfondsen hebben veel geld, omdat er weinig vraag naar is en anderen zijn eigenlijk altijd leeg omdat er juist veel vraag naar is. Brancheorganisaties behartigen uiteraard de belangen van de vakmensen in hun branche en dat geldt ook voor hun scholing. Maar wanneer een vakschilder buschauffeur wil worden vindt de branchevereniging voor vakschilders dat de organisatie voor buschauffeurs die opleiding maar moet betalen.

Haal de hekken neer tussen de branches

Die logica begrijpen we natuurlijk allemaal. Ons geld is ons geld, jullie geld is jullie geld, is het paradigma. Maar dit past niet meer in deze tijd. Ik pleit ervoor om de hekken neer te halen tussen de branches. Laten we juist met elkaar de algehele verantwoordelijkheid voelen voor de werkzekerheid van allen. Als een vakschilder besluit om buschauffeur te worden kun je er net zo goed vanuit gaan dat een willekeurig ander ook kan besluiten juist zijn jongensdroom uit te laten komen en vakschilder wil worden. Dat balanceert zich echt wel uit. Juist door het in standhouden van de hekken hebben minder mensen kans op een opleiding die leidt tot werk.

Ook onze flexwerkers stromen door naar vaste banen

Als uitzendbranche hebben we heel veel ervaring met het omscholen van mensen. En wij zelf als detacheerder en opleider in vervoer en veiligheid absoluut ook. Onze naam zegt het tenslotte al. Wij hebben in 2017 maar liefst 739 mensen omgeschoold tot buschauffeur, taxichauffeur, vrachtwagenchauffeur, machinist en beveiliger. En dit jaar zijn we bovendien begonnen met het opleiden van een groep dronepiloten vooruitlopend op banen van de toekomst. Ook zij kwamen uit andere sectoren en uit een werkloosheidssituatie. Vijftig procent van de WW’ers die weer aan het werk gaan via de uitzenbranche, stroomt in via een andere sector. En tweederde van hen stroomt door naar een vaste baan (bron: ABU). Voor de duidelijkheid, buiten de uitzendsector. Zo vergaat het de door ons opgeleide flexwerkers ook. En dat zien wij graag. Dat is ook precies zoals het moet gaan.

Ons geld is ons geld en sluit niemand uit

Zo bezien is de uitzendsector, met haar opleidingskracht, de banenmotor van de economie. Dat komt alle werkgevers en sectoren uiteindelijk ten goede. Laten we dan ook gezamenlijk zorgdraaien voor het kwalificeren van deze mensen en het in het grotere geheel bekijken. Ons geld is ons geld en sluit daarom niemand uit. In een ideale wereld waar we met elkaar naar kunnen streven. Dit is geen naïeve gedachte, maar juist heel realistisch. Werkbaarder dan de huidige realiteit.

Deel mijn blog via:
Categorie: Consolid